Wijzigingen voor de ondernemer/BV

Verlaging zelfstandigenaftrek

De zelfstandigenaftrek zal per 2020 worden verlaagd van 7.280 naar 5.000 in 2028. Deze verlaging zal met acht stappen van 250 en één stap van 280 plaats gaan vinden.

Daling tarief vennootschapsbelasting pas in 2021

Het tarief in de vennootschapsbelasting voor winsten vanaf 200.000 blijft in 2020 staan op 25% en daalt in 2021 naar 21,7%. De daling over de eerste schijf blijft zoals die was: een daling naar 16,5% in 2020 en 15% in 2021.

Effectieve tarief innovatiebox verhoogd

Het effectieve tarief van de innovatiebox zal per 2021 worden verhoogd van 7% naar 9%.

Einde betalingskorting

De betalingskorting die geldt in de vennootschapsbelasting zal per 1 januari 2021 worden afgeschaft.

Liquidatie- en stakingsverliesregeling aangepast

In 2021 zal de liquidatie- en stakingsverliesregeling in de vennootschapsbelasting worden aangepast. Dit houdt in dat de verliezen alleen nog maar onder strikte voorwaarden in aftrek kunnen worden gebracht.

Einde aftrek bestuurlijke dwangsommen

Per 1 januari 2020 zullen kosten en lasten van bestuursrechtelijke dwangsommen worden uitgesloten van aftrek bij de bepaling van de belastbare winst van ondernemers, het belastbare resultaat uit overige werkzaamheden bij resultaatgenieters (in de inkomstenbelasting) en de belastbare winst bij lichamen (in de vennootschapsbelasting).

WBSO versoepeld

Per 1 januari 2020 zal de Wet bevordering speur- en ontwikkelingswerk (WBSO) worden versoepeld. Het aantal momenten per jaar waarop een S&O-verklaring kan worden aangevraagd zal worden uitgebreid van drie naar vier. De deadline waarop organisaties een aanvraag mogen indienen, wordt de dag voorafgaand aan de periode waarop de aanvraag betrekking heeft, in plaats van ten minste een maand voorafgaand aan die periode.

Verder wordt termijnoverschrijding te wijten aan een verstoring van het digitale loket de indiener niet aangerekend. Het moet daarbij gaan om een termijnoverschrijding ter zake van de S&O-aanvraag, de opgave van de burgerservicenummers van de werknemers die S&O hebben verricht en de mededeling van de aan S&O bestede uren en van de eventuele gerealiseerde kosten en uitgaven.

Definitie vaste inrichting aangepast

Voor de invulling van de definitie van het begrip vaste inrichting in de Wet inkomstenbelasting, loonbelasting en vennootschapsbelasting wordt per 1 januari 2020 aangesloten bij de definitie van dat begrip in het belastingverdrag. Op deze manier bestaat er in verdragssituaties geen verschil tussen het nationale heffingsrecht en de heffingsbevoegdheid die Nederland toekomt op basis van het betreffende belastingverdrag.

Voor niet-verdragssituaties wordt de definitie bepaald aan de hand van de meest recente versie van het OESO-modelverdrag en dus ook bij de wijzigingen van de definitie van het begrip vaste inrichting die zijn aanbevolen in het eindrapport bij actiepunt 7 van het BEPS-project.

Nieuwe regels earnings stripping-beschikking

Een beschikking met betrekking tot het voort te wentelen saldo aan renten kan per 2020 worden herzien als sprake is van een nieuw feit, kwade trouw of een voor de belastingplichtige redelijkerwijs kenbare fout. Hiervoor zal eenzelfde termijn gaan gelden als ook voor navordering van te weinig geheven belasting. Verder zal een beschikking worden gegeven indien het voortgewentelde saldo aan renten van een eerder jaar in aftrek komt bij het bepalen van de winst van een later jaar.

Belastingrente vennootschapsbelasting aangepast

Per 1 januari 2020 zal geen belastingrente in rekening worden gebracht als de aangifte vennootschapsbelasting wordt ingediend voor de eerste dag van de zesde maand na het tijdvak waarover de belasting wordt geheven (doorgaans 1 juni). Hierbij geldt de voorwaarde dat de belastingaanslag wordt vastgesteld overeenkomstig de ingediende aangifte.

Tonnageregeling aangepast

Per 1 januari 2020 wordt de tonnageregeling aanscherpt op het terrein van tijd- of reischarter, het vlagvereiste en werkzaamheden anders dan vervoer van zaken of personen in het internationale verkeer over zee.

Introductie bronbelasting op rente en royalty's

Per 1 januari 2021 zal er een bronbelasting ingevoerd worden op rente- en royaltybetalingen door een in Nederland gevestigd lichaam aan een in een land met geen of laag winsttarief (lager dan 9%) gevestigd gelieerd lichaam en in misbruiksituaties. Het tarief van de bronbelasting op rente- en royaltybetalingen zal 21,7% bedragen.

Terug naar vorige pagina